Bakken in de koekenpan


Bakken in een koekenpan is vooral geschikt voor dunne producten die relatief snel gaar zijn, zoals dunne lapjes vlees, visfilets en bijvoorbeeld pannenkoeken. Let er altijd op dat het vlees op kamertemperatuur is voor het bakken. Vlees kan door het grote temperatuurverschil ‘schrikken’ en dat komt de malsheid niet ten goede.

Boter of olie?
Olie wordt veel heter dan boter. Daarom worden de dingen die je er in bakt knapperiger en bruiner. Bovendien is plantaardige olie gezonder dan het vet in boter (lees ook: Verzadigd en onverzadigd vet). Boter geeft echter wel een lekkerdere smaak omdat het aroma’s beter vast houdt. Gebruik wanneer je een jus of saus van het aanbaksel wil maken, nooit olie maar altijd boter.

  • Laat de producten die je wilt bakken eerst op kamertemperatuur komen.
  • Verwarm de koekenpan heel even voor op hoog vuur.
  • Voeg dan de olie of boter toe en laat deze heet worden. De olie is heet genoeg wanneer deze gaat dampen. Boter is heet genoeg wanneer het schuim wegtrekt.
  • Leg de ingrediënten in de pan en laat de onderkant mooi bruin worden.
  • Draai de ingrediënten en laat ook de andere kant bruin worden.
  • Dunne producten zijn nu gaar. Dikkere producten moeten nu nog gaar worden. Draai het vuur lager en bak ze tot ze van binnen gaar zijn.
  • Blijf ronde producten, zoals bijvoorbeeld krieltjes, omscheppen zodat ze niet aanbranden en rondom mooi bruin worden.

Vlees bakken
Laat het vlees altijd eerst op kamertemperatuur komen. Vlees ‘schrikt’ van hoge temperatuurverschillen. Dan trekt het samen en dat komt de malsheid niet ten goede. De baktijd hangt af van de gewenste gaarheid en de dikte van het stuk vlees. Kip en varkensvlees moeten bijvoorbeeld echt gaar zijn van binnen, anders kun je er ziek van worden. Rundvlees mag rood of rosé zijn. Kalfsvlees en lamsvlees zijn het lekkerst als ze van binnen rosé zijn. Dan is het nog lekker mals.

Vis bakken
Wrijf visfilets voor het bakken in met citroensap, dat maakt ze steviger waardoor je ze makkelijker kunt bakken. Wentel ze eventueel door wat bloem voor een lekker krokant korstje. Keer visfilets altijd voorzichtig om in de pan. Door de losse structuur kunnen ze uit elkaar vallen.

Baktijden

Rundvlees (biefstuk, bieflapjes, tartaar) 4-6 min
Kalfsvlees (oester) 6-8 min
Lamsvlees (kotelet) 4-6 min
Varkensvlees (filetlapje, karbonade) 8-12 min
Kip (filet) 10-12 min
Schnitzels 6-8 min
Vis (filets) 3-4 min
Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Technieken en getagged met , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s